VASTGESTELD. Op één dag zagen we meer mensen dan mijn grootmoeder in haar hele leven had gezien...
Het waren zonnige, zomerse voorjaarsdagen. We waren in Parijs en de stad liep aan alle kanten over van het volk. Ondergronds, bovengronds, in parken en in winkels: hele meutes stroomden naar buiten. Mensen van overal, mensen in alle talen, mannen en vrouwen in alle maten en in alle kleuren. Alsof de hele wereld langskwam bij de Fransen, daags na de installatie van hun nieuwe president. "Vandaag hebben we hier meer mensen gezien dan mijn grootmoeder in haar hele leven zag", stelde ik vast. "Het lijkt wel alsof die massa elk jaar nog groeit", zei H. "Dat is ook zo, veronderstel ik." "De mensen die mijn grootmoeder zag, kende ze. En die enkelingen die ze niet kende, leerde ze kennen. Wij zien vooral mensen die we niet kennen en van wie we het grootste gedeelte niet meer terugzien. Nooit meer," zei ik nog. "Het kan niet anders of dat maakt dat wij anders denken over mensen dan onze grootouders", zei H. "De vraag is: hoe anders? ...