Doorgaan naar hoofdcontent

Posts

Posts uit november, 2016 weergeven

GENOTEN. Wintervuur

In de winter schuilt het hart van de dag
in de gloed van de avond, in
het fluisteren van het vuur, in
de tijd die vertraagt, 
in haar blik die spreekt met
de stem van een stilte

GEZIEN. De kleine tuintiran heeft bloed aan zijn lijf...

Roodborst

Hij draagt het parmantig,
als was het bloed op zijn borst
en verstomt elk ander met zijn klatergezang,
hij jaagt en heerst, de kleine tuintiran,
terwijl hij, vervolgens, zonder blikken en blozen,
gulzig, vanop de voederplank,
als een platte populist,
onze meewarige harten steelt.

GEZIEN. Eik na herfststorm

VASTGESTELD. Hoe het kleine bedriegen soms in een Ikea-kopje schuilt...

Toegegeven, het was puur uit gemakzucht dat we de aanschaf van 2 boekenkasten in de Ikea combineerden met het consumeren aldaar van een flauwe Zweeds-Vlaamse schotel. In ruil voor het bijhouden van onze Family-card trakteerde de meubelgigant ons op gratis koffie.
Die Family-Card is gegeerd onder de Ikeabezoekers, merkten we. En niet louter om de gratis koffie.

KOPJE FRISDRANK Aan de frisdrankentafel zagen we een koppel dertigers hun suikervrij drankje tanken in een ... koffiekop.
"Kijk, gek. Wie drinkt nu frisdrank uit een kop?" wees ik De Vrouw aan.
"Niet zo gek," zei ze.
"Hoezo, niet zo gek?" vroeg ik.
"Heb je het dan niet door? Als ze glazen meenemen, moeten ze betalen voor frisdrank. Hun koffie  hebben ze gratis. Dus... nemen ze alleen kopjes mee om op die manier gratis frisdrank te tanken", zei De Vrouw nuchter. Ze mist soms naïviteit, maar gaandeweg leerde ik dat als een deugd in plaats van als een gemis te beschouwen.
"Denk je?"…

GEZIEN. Laat 'm maar komen, de reiger... hij zal geen vis in zijn bek nemen

Mezen in de tuin, maar voorlopig niet op de voederplank. Vinken van hetzelfde. Alleen de roodborst waagt zich parmantig op de tafel. Eksters komen noten kraken en hebben vermoedelijk de kraaien verjaagd. En de merels, die zijn groten getale met hun snavel als hark de afgevallen blaadjes aan het verleggen, op zoek naar wormen.

ALERT & SCHUW En de reiger? Hij was er, vanochtend. Alert, schuw maar niet zonder lef. De vijverplanten zijn uitgedund, de vissen zwemmen zichtbaar en verleiden met hun sierlijk staartvingezwaai de steltloper. Ze voelen zich sterk, want boven de vijver ligt een nettenconstructie. Bedoeld om hen te beschermen tegen rovers én vooral om de bladval uit de vijver te houden.
Hij heeft tijd, de reiger.  Stap voor stap nadert hij het water, springt op het net en wacht. Nu eens met schuine kop, dan weer met opgerichte bek en vervolgens gaat hij in ruststand. Tot hij ons opmerkt en met de slag een hoge vlucht neemt. Weg. Zonder hap.


ERVAREN. Knipsels ordenen vergaat in eindeloos palaveren in een denkbeeldig café met auteurs, reporters en wereldbeschouwers...

"Van Amsterdam naar Brussel gaan is zoals van Boston naar New York reizen: alles is grootser en intenser. Er is diversiteit in de straten. En de kust is ook geweldig.  Als kunsthistoricus reisde ik in eerste instantie naar België om het werk van Pieter Bruegel te bestuderen", zegt Teju Cole aan Jan Desloover van De Standaard der Letteren, halfweg oktober.
Ik las het stuk in de krant en legde het knipsel aan de kant. Om het bij de hand te hebben bij het lezen van Teju Coles nieuwe boek 'Vertrouwde en vreemde dingen.'

WANKELE TORENS Het is één van de honderden knipsels die ik de voorbije maanden stapelde. Om te archiveren. Op een vrije regendag. De stapels zijn intussen wankele, twijfelende torens waarin het verdolen makkelijker is dan het vinden. Chaos mag dan wel een uitgelezen biotoop voor creativiteit heten en een archivering zonder systeem is een systeem op zich, efficiënt en keurig is het niet. En dus gaan we er met de grote kam doorheen.

WE VERMEIEN ONS
Dat frag…

GELEZEN. Sinterklaas: open brief van Nicodemus naar aanleiding van de Pietenkwestie

Aan al wie het lezen wil, aan allen die de tradities hoog  in het vaandel voeren en aan alle overzoenlijken,

U kent mij niet, vrees ik. En hoewel ik u volkomen begrijp, betreur ik het. Misschien, heel misschien herinneren uw ouders mij nog. Mijn naam is Nicodemus. Zegt u dat iets?  Nee? Jammer. Maar vraag het eens aan uw ouders. Als ze heel diep nadenken zal hen het beeld dagen - hoop ik - van een man in pij, zonder mijter, zonder staf, die de Sint mocht vergezellen. Samen met een van de Pieten. We waren met zijn drieën als we halfweg november de kinderen thuis bezochten.

SCHRIFTGELEERDE Piet droeg de zak, ikzelf mocht het Boek van de Sint torsen en het hem aanreiken zodra hij  bij de kinderen thuis hun rapportje voorlas. De wensen van de kinderen mocht ik dan weer noteren in het Boek. Ik was niet voor niets een 'schriftgeleerde'. 
Dat waren leuke tijden, herinner ik mij, met veel plezier. Het is me nog altijd niet duidelijk waarom ik ineens niet meer mee hoefde op Sintentocht. N…

ERVAREN. Amsterdam op een koude donkere avond: een jungle voor horden uitgelaten toeristen

Amsterdam is een jungle. 's Avonds toch. En wellicht ook 's nachts. We dichtten de avondlijke wandeling van het Centraal Station richting Spui een idyllisch karakter toe en hoorden in ons achterhoofd al hoe onze stappen langs de grachten meespeelden in een rijkelijk stadsklankspel. Niets daarvan dus. Foute droom, zo bleek.

HORDEN  Nee, we hoorden vooral hele horden uitgelaten jongeren dronkgemansgezwans brallen, oerkreten slaken, we zagen hoe de schreeuwers lege terrassen inpalmden, hoe losgeslagen tieners zich stonden te vergapen aan fossiele junkies in de coffeeshops en we werden geregeld van de stoep gelopen door vrolijke meiden die vast van plan waren dé nacht van hun jeugd te vieren en door gehaaste Aziatische toeristen die met hun uitzwaaiende selfiestokkies iedereen gedecideerd op afstand hielden.

SOUTERRAIN-KROEGENWe waren op weg van het Censtraal Station via het Spui - een fors onderschatte omweg, de schaal van plattegronden interpreteren we altijd veel te minimalisti…

BEDACHT. Nieuw in ons woordenboek, kakelvers: trumpfalisme...

GEDROOMD. De mannenchrèche: kortverblijf voor mannen van winkelende vrouwen

De stadstrip naar Antwerpen was als vanouds keurig voorbereid. Door De Vrouw. De adressen van de stoffenwinkels waren gecheckt, stonden genoteerd met inbegrip van het nummer van de trams die Haar er naar toe zouden brengen. Zelf had ik enkele boekenwinkels voor ogen waarvan ik vermoedde dat ik er vanuit het stadscentrum blindelings heen kon wandelen. Een kwestie van zelfoverschatting, bleek naderhand.
Maar voor we in gescheiden slagorde de stadsexploratie aanvingen, trakteerden we ons op een gezamenlijke koffie. In de stadsfeestzaal.

JONGE VENTEN EN OUDERLINGEN "Drink nog een koffietje, ik ga intussen in de buurt eens kijken," zei De Vrouw. Ik had enkele krantenbijlagen meegenomen. Het wachten hoefde geen probleem te zijn, integendeel, ik zat warm, had drank en versnaperingen binnen handbereik, en er trokken voldoende mensen van allerlei slag voorbij, zodat ik het aanschouwen ervan als een leuk en zelfs leerrijk tijdverdrijf ervoer.
Het behagelijke gevoel bleef tot ik ineens …

GEZIEN. Waarom we de zegswijze 'door de bomen het bos niet meer zien' maar beter schrappen...