BEKEND. Een halve biotoop weggehaald... om erger te voorkomen

Het zijn de proleten onder de bomen. Lucifers. Fruitkisthout. Zoals vaak met wat vanzelfsprekend nuttig is, worden ze geringschat. Ze zien er nochtans van nature en bij volle wasdom trots uit, ze toren boven de andere bomen uit, ze zijn de wijsvingers van het houtland. De Populus nigra Italica of de Italiaanse populier.

EEN KOZAKKENKOOR
Ruim veertig jaar geleden hebben we ze geplant. Ze waren zoals wij toen: jong, kwetsbaar en helemaal niet opvallend. Zij zijn blijven groeien, lang nadat wij er al mee hadden opgehouden. Ze werden een ijkpunt.
Als we twee kilometer verderop over de autostrade reden, werden ze - tot vervelendst toe- aangewezen. "Kijk, ze wuiven alweer", zeiden we altijd. En dat deden ze: zachtjes, buigzaam wuiven. Ze konden ook zingen. Als het waaide, huisde er in hun zuilvormige, smalle kruinen een kozakkenkoor dat het lied van wind en storm kon overstemmen.

ONTTOPT
Eind mei, op een zaterdag hebben we ze niet geveld - dat konden we niet - maar wel heel fors geamputeerd. Hun top zijn ze kwijt, hun lengte, hun trots.
Ze lieten het niet zomaar gebeuren. We moesten er  een hoogtewerker bijhalen om hun ruim 30 te herleiden tot stompen van 10 meter. Een al even indrukwekkend als ingrijpend karwei. Want het groene scherm aan de westzijde is verdwenen. Wat groen was, kleurt nu blauw en 's avonds oranje. We zien de wolken uit het westen van ver komen, nu en als de wolken niet voorbij Engeland raken, kunnen we de neergang van de zon volgen. En toch... we missen het groene gordijn waarachter we konden schuilen. Meer dan we ons vooraf hadden kunnen inbeelden.

SPECHTENGAT

We zijn helaas niet alleen, met ons gemis, vrezen we. We zagen zaterdagavond al groenvinken, wanhopig op zoek naar hun nest of naar hun schuiloord. We zagen hout- en tortelduiven langer dan op andere avond boven de tuin noodgedwongen rondjes vliegen tot ze een andere slaaptak vonden en we volgden de kraaien die dan wel hun nest konden houden in een nabije hoge berk, maar die, blijkbaar net als wij, hun groen gordijn misten. In wat rest van een van de zieke stammen, vinden we een haast met precisie gekapt spechtengat. Een mooi, rond gepolierd gat.

MET VEEL KABAAL

Wat de natuur in 45 jaar onophoudelijke groei, in weer en wind, in hagel en onder zonnebrand, in stormtij overeind hield, haalden wij op een dag neer. Met veel kabaal, met mankracht en evenveel hydrauliek, mekaniek en pneumatiek.  Ze zijn niet gevierendeeld, maar gevijftigdeeld en zoals alles op vandaag zijn ze verhakseld.
Een kaalslag en ware het niet dat noodzaak er ons toe dwong, we hadden het over een gruwelijke, onvergeeflijke misdaad tegen de natuur.

Dat het geen misdaad was - en daar zijn we van overtuigd - heeft alles te maken met de kwetsbaarheid van de bomen. Enkele waren hol van binnen, twee waren al door natuurkrachten geveld, een andere werd in zijn val tegengehouden door een kranige buurman. Maar de kans dat ze slachtoffers zouden maken in hun val of dat ze onherstelbare schade zouden veroorzaken, was te groot.


Reacties

Populaire posts van deze blog

GEZIEN. Over de tento Winkels van weleer in Winkel en over hoe ons geheugen als een fout afgestelde zeef werkt...